Horeca Vakschool R’dam iets voor jou?

Wij geloven in de talenten van onze leerlingen en omgeven hen daarom met zorg en toewijding om die talenten te ontwikkelen. Dat doen we door ze orde, rust en regelmaat te geven. Door onze klassen klein te houden; bij voorkeur maximaal 18 leerlingen. En door ze te begeleiden; iedere leerling op de manier die hij of zij nodig heeft (zie afbeelding ‘Interne Onderwijs Ondersteuningsroute’).

 

Mentor, teamleider en zorgcoördinator

Iedere leerling heeft samen met zijn klasgenoten een eigen mentor, die hem het gehele jaar begeleidt en coacht (zie ook 2. Zo werkt het op onze school). De mentor wordt - indien nodig - ondersteund door de teamleider. In het geval dat ze samen niet tot een oplossing weten te komen, komt de zorgcoördinator in beeld. Deze heeft een vertrouwensrol, en bespreekt het probleem met de schoolmaatschappelijk werker.

 

ZorgAdviesTeam (ZAT)                                                                                          

Leerlingen die ernstige sociale, leer- of gedragsproblemen hebben, worden besproken in het overleg van het ZorgAdviesTeam (ZAT). Hierin zitten de locatieleider, zorgcoördinator, schoolmaatschappelijk werker, JeugdVerpleegkundige van het CJG en de ambtenaar van Bureau Leerplicht. Hebt u zelf behoefte aan ‘een extra steuntje in de rug’ om uw kind goed te kunnen begeleiden in zijn schoolloopbaan, dan kan de School-Ouder-Contactpersoon u een handje helpen.

 

JeugdVerpleegkundige (JV) van het CJG

In het 1e en het 4e schooljaar heeft uw kind op school een gesprek met de JeugdVerpleegkundige van het CJG. Het gaat over gezondheid, eten, slapen, vrije tijd, gedrag en puberteit. De JV vraagt of alles goed gaat. Uw kind kan ook met vragen bij hem/haar terecht. De gesprekken zijn altijd vertrouwelijk. Daarnaast neemt de JV deel aan overleggen van het ZAT. De JV signaleert en gaat eventueel tot actie over.

 

LeerwegOndersteunend Onderwijs (LWOO)

LeerwegOndersteunend Onderwijs is bedoeld voor leerlingen die wél de capaciteiten hebben om een VMBO-diploma te halen, maar hier extra ondersteuning voor nodig hebben. De basisschool adviseert hierover, en de Regionale VerwijzingsCommissie (RVC) bepaalt of een leerling in aanmerking komt voor LWOO (RVC-verklaring). Voor elke leerling die in aanmerking komt voor LWOO, worden speciale aandachtspunten opgenomen in het groepsplan per klas. Deze aandachtspunten worden – aan de hand van het intakegesprek – bepaald door de mentor en de zorgcoördinator, en besproken met de leerling en de ouders.